In juni is de commissie samengekomen voor een inspirerende avond waarin we kennis hebben mogen maken met een van de doelen die we met de Santa Run willen ondersteunen. Op de Goudse Manege ontmoeten we eigenaar en manager Wilfried Franken en een van zijn medewerksters Mignon van de Bunt. Mignon gaf ons daar een zeer inspirerende uitleg over wat ze op de manege doet en wil bereiken. Onderstaande is kort haar verhaal:

De Goudse manege bied kinderen en volwassenen met een handicap de mogelijkheid om paard te rijden. Dankzij de speciaal opgeleide instructeurs en de verschillende hulpmiddelen is het in deze Manege ook voor ruiters met een beperking mogelijk de ontspannende en therapeutische werking van het paardrijden te ervaren. Tijdens de lessen worden tal van aspecten van lichamelijk, verstandelijk of sociaal functioneren bij de ruiters bevorderd en wordt de eigenwaarde sterk verbeterd.

Voor wie?

Iedereen die wil paardrijden, maar door fysieke, verstandelijke, zintuiglijke of psychosociale beperkingen hiervoor niet terecht kan op een reguliere manege/ in reguliere paardrijlessen. 

  • Kinderen, jongeren en volwassenen met een beperking die binnen een revalidatie-behandelplan door middel van therapeutisch paardrijden hun doelstellingen kunnen bereiken.
  • Kinderen, jongeren en volwassenen met een beperking die op een recreatieve manier een prettige en ontspannende vorm van sporten en bewegen zoeken.
  • Ruiters die bijvoorbeeld door een ongeval letsel hebben opgelopen en daarna hulp en advies nodig hebben om hun sport (met eventuele aanpassingen) weer voort te kunnen zetten.

Onze missie:

  • Onze missie is het mogelijk maken van paardrijden voor kinderen, jongeren en volwassen met een beperking.
  • Het onder de aandacht brengen van de therapeutische effecten van het paardrijden voor mensen met een beperking.
  • Het stimuleren van integratie van ruiters met een beperking en valide ruiters.

 

Voor het geven van de paardrijlessen zijn naast geschikte paarden en vrijwilligers ook verschillende hulpmiddelen nodig.

We willen eenieder de mogelijkheid bieden om te kunnen paardrijden echter kunnen we op dit moment alleen nog de ruiters in de categorie 1 deze mogelijkheid bieden. Om ruiters in de categorie 2 en 3 de mogelijkheid te bieden hebben we onder andere extra opstap ondersteuning nodig zoals een opstapperron en een tillift en zal het terrein rolstoelvriendelijk moeten zijn.

 

Uitleg categorien:

 

  1. Ruiters die zelfstandig kunnen lopen en communiceren. Dit zijn ruiters met een licht verstandelijke beperking (Verstandelijke beperking, Down syndroom, aangeboren hersenletsel, niet aangeboren hersenletsel etc.), ruiters met gedrag en contact stoornissen (ADHD, Autisme, PDDnos etc.) Ruiters met een lichte lichamelijke beperking (CP, spasme, lopen met krukken, spierziekten etc.). ruiters met visuele of auditieve beperking.
  1. Ruiters die minder mobiel zijn en/of minder kunnen communiceren en meer hulpmiddelen en begeleiding nodig hebben. Dit zijn ruiters met een wat zwaardere verstandelijke beperking, licht meervoudige beperking, ruiters in rolstoel maar die wel zelfstandig kunnen staan, ruiters die lopen met rollator etc. Deze ruiters moeten opstijgen doormiddel van een opstapperron.
  1. Ruiters die niet mobiel zijn en/of niet kunnen communiceren zijn de zwaarste categorie en hebben veel hulpmiddelen nodig. Zware verstandelijke beperking, zware meervoudige beperking, zware lichamelijke beperking. De jongere/lichtere ruiters kunnen op het paard getild worden doormiddel van een opstapperron. De oudere en/of zwaardere ruiters moeten opgetild worden doormiddel van een tillift. Deze ruiters zijn ook de zwaarste belasting voor paard en begeleiding.

 

“Er is niets zo mooi dan het effect te zien wat de beweging van het paard doet voor het lichaam van de ruiters. Hoe ruiters weer kunnen ontspannen, stofwisseling die verbeterd, spieren die weer sterker worden en de houding die verbeterd word door alleen al op het paard te zitten. Hoe het zelfvertrouwen groeit en het vertrouwen in je eigen kunnen. Het plezier dat de ruiters hebben door ‘gewoon’ weer mee te kunnen doen! Een hele dankbare taak om daar als instructeur onderdeel van te mogen zijn!”